Home
Home

Natuurpunt

Resultaten West-Vlaanderen2009

 Aurel Vande Walle

Sinds 1984 wordt via de vereniging Torenvalk vzw een bescherming- en inventarisatieactie ondernomen t.v.v. de Kerkuil. Niet alleen in de regio Tielt proberen we ons actief in te zetten, maar ook in de gehele provincie West-Vlaanderen zorgen we voor coör¬di¬na¬tie en registratie bij andere werkgroepen die opkomen voor deze – nog altijd - kwetsbare soort. In de loop der jaren hoorden we van de overkoepelende werking in Vlaanderen door de kerkuilwerkgroep, en werd er ook vanuit onze provincie bij deze actie aangesloten. Dit betekent concreet dat ook in West-Vlaanderen al meer dan 25 jaar door verschillende verenigingen en particuliere personen acties worden ondernomen tot behoud van de kerkuil.

Elk jaar is anders! Nooit kunnen we echt voorspellen hoe de resultaten zullen zijn. Zelfs als er zich een productief muizenjaar aankondigt, volstaat een natte winter, of voorjaar met heel veel regen en ondergelopen weilanden om de situatie negatief om te buigen. Veel – zoniet alles- hangt juist af van het aantal prooien en de frequentie van het aanbrengen door het mannetje om van geslaagde broedsels te spreken, met veel, stevige jongen. Ook nadat ze eenmaal uitgebroed zijn, moeten de jongen nog wekenlang gevoederd worden door beide ouders, en dan nog kan het mis gaan.

Werk

De laatste jaren stellen we in onze provincie een enorme toename vast van werkkracht bij onze kerkuilmannen: van amper 140 gecontroleerde mogelijke broedplaatsen in 2002 komen we in 2007 aan 503 controleplaatsen. Dit aantal controles viel lichtjes terug in 2008 (460), maar in 2009 steeg dit tot 561 gecontroleerde plaatsen. Als ‘zweetfactor’ kan dit tellen, dit bewijst dat de West-Vlaamse kerkuilbeschermer hard werkt om ‘zijn’ uilen te inventariëren en veilig te stellen. Waarmee we uiteraard niks willen gezegd hebben over de medewerkers van andere regio’s, natuurlijk.

Controleplaatsen

2002

2003

2004

2005

2006

2007

2008

2009

Broedgeval

49

45

61

85

33

120

104

75

Aanwezig

12

6

17

20

47

27

28

40

Oude sporen

1

8

0

0

0

0

0

0

Niets

78

130

256

330

387

356

328

446

Totaal

140

189

334

435

467

503

460

561

Tabel 1 : controles over de laatste jaren 2002 -2009

Overzicht

Laat ons eerlijk zijn, 2009 was in vergelijking met voorbije jaren niet echt een schitterend jaar: slechts 75 paartjes kwamen tot broeden in onze provincie en brachten met wisselend succes hun jongen groot. Dit aantal is beduidend lager dan de jaren ervoor: 104 in 2008 en 120 (!) in 2007. 0pmerkelijk echter is dat naast deze geslaagde broedgevallen, we weet hebben van 40 plaatsen waar kerkuilen aanwezig waren, zonder tot broeden te komen. Het is duidelijk dat een eerder zwak voedselaanbod hier een hoofdrol speelt. Verder hadden acht broedende koppels geen geluk en mislukte het broedsel door verstoring, te weinig voedsel, enz...

Aantal broedgevallen 

2002

2003

2004

2005

2006

2007

2008

2009

Status

 

 

 

 

 

 

 

 

Gecontroleerd

27

18

30

52

20

71

80

53

Vastgesteld

9

11

23

21

8

37

13

14

Mislukt

5

4

3

10

5

11

11

8

Vermoedelijk

8

12

5

2

0

1

0

0

broedgevallen

49

45

61

85

33

120

104

75

Aanwezig

12

6

17

20

47

27

28

40

Totaal

61

51

78

105

80

147

132

115

Tabel 2: totale aantallen

Ken je plekje

Waar broedt nu onze kerkuil in West-Vlaanderen? Net zoals in de andere provincies merken we sinds enkele jaren een verschuiving naar andere gebouwen. Meer en meer broedt onze kerkuil in boerderijen. In onze provincie is dit respectievelijk reeds in 88/120 gevallen gebeurd in 2007, terwijl in 2008 90 van de 104 koppels een onderkomen zochten op een boerderij. Wat 2009 betreft, gaat het hier over 63 gevallen op 75. In percentage uitgedrukt, broedden in 2008 87% van onze kerkuilen in een boerderij (73% in 2007). In 2009 was er een lichte terugval tot 84%.

Jaartal

2002

2003

2004

2005

2006

2007

2008

2009

Aard

 

 

 

 

 

 

 

 

Kerk/kapel

8

4

3

5

2

9

7

5

Kasteel/abdij/fort

2

1

4

3

0

1

0

0

Woning/schouw

3

2

1

3

0

5

0

1

Boerderij/schuur

28

28

46

66

25

88

90

63

Fabriek/loods

4

4

3

3

3

10

3

2

Andere ...

4

6

4

5

3

7

4

4

Totaal

49

45

61

85

33

120

104

75

Tabel 3:

Nestkasten en locaties Ook wat het aantal broedparen in nestkasten betreft, volgen we in WVL de landelijke trend. Wanneer we de laatste 10 jaar bekijken, merken we een duidelijk stijgende trend. In 2000 bedroeg het percentage van in een nestkast broedende kerkuilen 58%, in 2005 was dit reeds gestegen tot net géén 70% van onze koppeltjes. In 2006 was dit reeds 82%. Dit heeft uiteraard te maken met een menselijke factor. Meer en meer wordt immers door de medewerkers de nestkasten bij particulieren geplaatst, waardoor de kerkuil naar die locaties wordt ‘verleid’. Voor 2007 & 2008 was dit resp. 68 en 88 % waarmee we hoger scoorden dan het ‘landelijk’ gemiddelde (76 % in 2007) Voor 2009 blijven we steken op 81%. Onze nestkasten staan op kerken (5 broedsels), kastelen (geen broedsels), particuliere woningen (1 broedsel in een schouw), fabrieken of loodsen (2), maar het meeste aantal broedgevallen in nestkasten vinden we terug op boerderijen (63 gevallen in 2009), verder vinden we onze kerkuilen in verlaten gebouwen, onder bruggen en op de meest gekke plaatsen (4 broedgevallen).

Jammer genoeg hebben we nog altijd te kampen met een aantal ‘blinde’ vlekken op de kaart, regio’s waar niet of minder werd gewerkt rond de bescherming en inventarisatie van de kerkuil. Maar hartelijk dank voor alle inzet van elke medewerker en hopelijk tot volgend jaar.

Tabel 2009 en het begin van tabellen vanaf de telling

 
© 2010 De Torenvalk vzw
Joomla! is Free Software released under the GNU General Public License.